Leptospirose (ziekte van Weil) in Achterhoek

download

Leptospirose (ziekte van Weil) in Achterhoek

20 december 2015
|

Leptospirose (ziekte van Weil) aangetroffen in de Achterhoek

Leptospirose, waaronder de ziekte van Weil, is een wereldwijd bij honden voorkomende ziekte die door bepaalde bacteriën, leptospiren, wordt veroorzaakt. Leptospirose is een zoonose, wat wil zeggen dat de ziekte ook  overdraagbaar is van hond op mens. Gezien het groeiend aantal gevallen van besmetting met leptospirose bij mensen en honden in de afgelopen jaren, wordt deze ziekte ook wel als “re-emerging infectious disease” aangeduid. Leptospirose wordt ook aangetroffen in kleine knaagdieren als muizen en ratten. Momenteel is er een grote muizenpopulatie waardoor de infectiedruk voor de omgeving toeneemt. Van oudsher werd de klassieke ziekte van Weil met name gezien in de zomermaanden, wanneer het oppervlaktewater een wat hogere temperatuur heeft. De laatste jaren wordt leptospirose ook in koudere periodes gezien. Dit jaar zien we in onze regio al vanaf de tweede helft van januari klinische leptospirose gevallen.

Ziektebeeld

Leptospirose is een bacteriële, besmettelijke ziekte die over de hele wereld voorkomt en wordt veroorzaakt door leptospiren. Deze leptospiren worden via de urine van geïnfecteerde honden uitgescheiden en besmetten daarmee de leefomgeving. Een hond raakt besmet doordat leptospiren vanuit de leefomgeving via de slijmvliezen of wondjes het lichaam van de hond binnendringen. Vervolgens verspreiden ze zich via het bloed naar verschillende organen, waardoor ongeveer een week na besmetting de eerste algemene symptomen kunnen optreden, zoals verminderde eetlust, braken en koorts. Als de ziekte verergert, doen zich, afhankelijk van de betrokken organen, andere symptomen voor. De dieren zijn uitgeput, hebben soms geelzucht, trillende spieren of bloederige diarree door ernstige beschadiging van het maagdarmkanaal. Aantasting van de nieren leidt ertoe dat de dieren frequent moeten plassen en resulteert vaak in uitval van de nieren. Ook aantasting van de longen is mogelijk; in dat geval zien we dat de dieren gaan hoesten (mogelijk met bloed) en benauwd zijn. Bij niet-gevaccineerde dieren heeft een ernstige leptospirose-infectie meestal een dodelijke afloop.

Via urine scheiden geïnfecteerde honden leptospiren uit en besmetten daarmee de leefomgeving. Met name uitlaatplaatsen, grasvelden en stilstaand (zwem)water zijn beruchte besmettingshaarden. Kleine knaagdieren, zoals muizen en ratten, spelen een rol bij de verdere verspreiding en instandhouding van leptospiren in het milieu. Een hond raakt besmet doordat leptospiren vanuit de leefomgeving via de slijmvliezen of via wondjes het lichaam van de hond binnendringen.

Behandeling

Een hond met leptospirose heeft intensieve medische zorg nodig. Naast behandeling van de symptomen, moeten besmette en zieke honden (met het oog op de zoönotische aard van de ziekte en de uitscheiding van ziekteverwekkers) vaak met antibiotica behandeld worden.

Vaccinatie

De belangrijkste voorzorgsmaatregel tegen leptospirose is vaccineren.

Tot voor kort veroorzaakten vooral twee varianten (Canicola en Icterohaemorrhagiae) ziektegevallen in West-Europa. De huidige vaccins beschermen uitstekend tegen deze twee varianten. Echter, steeds vaker worden ook andere varianten in West-Europa aangetroffen (Australis en Grippotyphosa). De huidige vaccins beschermen hier niet tegen. Momenteel wordt in onze regio de variant Leptospira Australis bij honden aangetroffen.

Om bescherming te bieden tegen deze nieuwe varianten van leptospirose is er nu een nieuw vaccin beschikbaar waarin de 4 belangrijkste Leptospirose stammen zijn opgenomen. Voor een effectieve bescherming wordt deze vaccinatie 2x gegeven met 3-4 weken tussentijd en daarna jaarlijks herhaald.