Ontwormwijzer voor paarden

Receptplicht
Sinds 1 juli 2008 zijn de regels met betrekking tot het voorschrijven van ontwormingsmiddelen veranderd. Ontwormingsmiddelen kunt u niet langer zomaar overal aanschaffen. Ze zijn alleen nog verkrijgbaar bij de dierenarts of met een recept van een dierenarts bij een bevoegde handelaar. Vanwege de toenemende resistentie tegen ontwormingsmiddelen wordt er dringend geadviseerd om behandelingen te beperken door middel van selectief ontwormen van alleen de paarden met een hoge ei-uitscheiding in de mest.
Belangrijk is dat u het logboekpapier dat u krijgt bij de wormkuur vijf jaar bewaart. De overheid heeft bepaald dat u deze informatie tot vijf jaar na afgifte op verzoek moet kunnen laten zien.

Mestonderzoek
Na mestonderzoek wordt er zo nodig een ontwormingsmiddel voorgeschreven. Het voordeel van deze methode is dat u niet steeds hoeft te ontwormen en zo de ontwikkeling van ongevoeligheid voor bepaalde ontwormingsmiddelen voorkomt. Dit mestonderzoek doen wij in ons eigen laboratorium. U kunt zelf wat mest van uw paard(en) verzamelen in een zakje of potje. Een kleine hoeveelheid is al voldoende om dit onderzoek uit te voeren. Belangrijk is wel dat het ‘verse’ mest is en dat het niet met de bodem in contact is geweest. Een mestbal van boven op een verse hoop is prima. Bij dit onderzoek wordt er gekeken welke soorten eieren er in de mest zitten en wordt het aantal eitjes per gram mest bepaald. Dit is voor de meeste wormsoorten een goede indicator of er wel of niet ontwormd dient te worden. Helaas zijn niet alle wormen in de mest aan te tonen. De dierenarts kan u hierover adviseren; afhankelijk van de leeftijd van uw paard en de eventuele klachten krijgt u een ontwormadvies op maat.
Om kosten te besparen kan mestonderzoek ook gegroepeerd gedaan worden. Tot een groep van vijf paarden kan een betrouwbaar resultaat verkregen worden. Het is verstandig om de mestmonsters van meerdere paarden wel apart aan te leveren. Zo kan bij een uitzonderlijk hoog aantal wormeitjes in een gegroepeerd mestmonster daarna nog individueel onderzoek plaatsvinden om het paard met de hoge ei-uitscheiding op te sporen.
Belangrijk is dat u van maart tot en met oktober regelmatig mestmonsters laat onderzoeken. Indien dit niet consequent gebeurt, neemt het risico op een worminfectie toe omdat het paard immers gedurende een langere periode niet meer ontwormd wordt.
Als er via de mest eieren uitgescheiden worden op de weide, is er heropname en dus herbesmetting. Daarom adviseren we om de mest uit de weide te verwijderen. Door regelmatige monitoring van de mest en op het juiste moment te ontwormen zullen er minder/geen eieren meer uitgescheiden worden en zal er minder/geen herbesmetting meer zijn. Wat betekent dat u uw paard minder vaak hoeft te ontwormen.
In principe adviseren we om iedere maand mest te laten onderzoeken. Als op den duur blijkt dat uw paard weinig tot geen last heeft van worminfecties dan kunt u het aantal keren mestonderzoek per jaar verminderen. We zien over het algemeen bij de volwassen paarden een lage ei-uitscheiding gedurende het gehele jaar. Het is daarom een optie om bij een lage ei-uitscheiding drie keer per jaar de mest te laten onderzoeken (in maart, juni en september) en in december/januari een keer blind te ontwormen met Equimax tegen de lintworm en de horzellarve. Heeft uw paard gedurende het jaar wel een hogere eiuitscheiding (Strongyliden) gehad, dan adviseren we om in de winter de paarden ouder dan 1,5 jaar te ontwormen met Equest Pramox. Dit middel doodt grotendeels de ingekapselde rode bloedwormlarven en werkt ook tegen de lintworm en horzellarve.
Als uw paard klachten heeft of u verdenkt het dier toch van een worminfectie dan raden we u aan om tussentijds de mest na te laten kijken. Als uw paard een flinke worminfectie blijkt te hebben, adviseren we om vaker (maandelijks) de mest na te laten kijken. Paarden ontwormen op basis van mestonderzoek is een prima methode bij dieren ouder dan vijf jaar en bij vaste groepen paarden. Bij jonge paarden en paarden die in groepen worden gehouden waarbij de samenstelling van de groep regelmatig varieert, is het risico op wormbesmetting veel groter. Ontwormen zal veel vaker nodig zijn. De jonge dieren hebben ook nog geen tot weinig afweer tegen de worminfecties. Iedere maand mestonderzoek laten uitvoeren, is dringend aan te bevelen. Door mestonderzoek kunt u op tijd ingrijpen als er een flinke worminfectie is.
Ontwormen van veulens/jaarlingen
Als er op het bedrijf een historie is met veulenworminfecties dan adviseren wij om
de mest van het veulen op 10-14 dagen leeftijd te laten onderzoeken. Zware veulenworminfecties kunt u behandelen met ivermectine (Eraquell). Milde vormen hoeven niet behandeld te worden; het veulen bouwt dan zelf weerstand op. Bij veulens kunnen naast de veulenwormen vanaf ongeveer 3,5-4 maanden leeftijd spoelwormen voorkomen. Op bedrijven waar de infectiedruk hoog is, kunnen veulens tussen de 10 en 15 weken leeftijd al een spoelworminfectie hebben. Deze kunnen onder andere verstoppingen in de dunne darm veroorzaken als de veulens of jaarlingen onvoldoende (of met de verkeerde middelen) ontwormd worden. Andere verschijnselen van een flinke worminfectie zijn diarree en luchtwegproblemen. In verband met de grotere resistentie van spoelwormen tegen ivermectine is het verstandig veulens en jaarlingen te ontwormen met Strongid-P (pyrantel). Vanaf 3,5-4 maanden leeftijd kunt u de mest laten onderzoeken op een spoelworminfectie. Bij klachten (diarree, hoesten, vermageren, dikke buik, dof haarkleed) adviseren wij om dit eerder te doen. Een dier met klachten behandelen met Strongid-P en één week later herhalen. Als het vermoeden bestaat dat het veulen een flinke spoelwormbesmetting heeft, neem dan contact op met uw dierenarts. Deze kan u adviseren om het veulen te laten laxeren voordat u het dier ontwormt. Als na het ontwormen de spoelwormen in grote aantallen afsterven, is de kans groot dat ze vastlopen in de darmen en koliek veroorzaken. In het ergste geval kunnen de darmen scheuren.

Indien het dier geen klinische klachten heeft, maar er wel eieren gevonden zijn in de mest, dan volstaat twee keer ontwormen met Strongid-P met zes weken tussentijd. Als u blind ontwormt, doe dit dan ook twee keer met zes weken tussentijd. Ontwormen in de dosering die op de verpakking staat.
Vanaf achttien maanden leeftijd behoort een paard normaal gesproken weerstand opgebouwd te hebben tegen de spoelworm.
We adviseren om de paarden in de leeftijd van 6 maanden tot 18 maanden in de winter te ontwormen met moxidectine (Equest) om de ingekapselde rode bloedwormlarven grotendeels te doden.

Paarden en ezels in één wei
Bij paarden die in contact komen met ezels kunnen ook longwormen voorkomen. De ezels zelf kunnen drager zijn van deze longwormen, zonder dat ze klinische klachten hebben. Paarden en pony’s krijgen wel klinische klachten en gaan erg hoesten (kans op dampigheid). Regelmatige ontworming met ivermectine (3 tot 4 keer per jaar) is dan ook belangrijk als paarden en ezels samen geweid worden.

Nog enkele tips
1. Foutief en frequent ontwormen werkt resistentie in de hand.
2. Veel mensen denken dat het aan te raden is om zoveel mogelijk te wisselen van wormmiddel. Het omgekeerde is echter waar. Het regelmatig wisselen van product zou resistentie zelfs in de hand werken.
3. Onderschat het gewicht van uw paard niet! Geef liever voor 50 kg teveel dan te weinig.
4. Wees bij Shetlandpony’s en veulens zeer nauwkeurig met het doseren van moxidectine (Equest)
5. Moxidectine mag niet gegeven worden aan veulens jonger dan 4 maanden.
6. Gebruik Equest zo nodig in het voorjaar en ontworm in het late najaar/begin winter tegen lintworm met Equimax of Equest Pramox. Equimax en Equest Pramox werken ook tegen horzellarven.
7. Heeft u bij een (jong) paard ernstige problemen met spoelwormen dan is het aan te raden om het dier voor het ontwormen te laten laxeren. Overleg dit voor het ontwormen met uw dierenarts. Spoelworminfecties behandelen met Strongid-P (Pyrantel).
8. Optimaal zou het zijn als mest dagelijks verwijderd wordt van het land. Dit is in de praktijk vaak niet haalbaar. Maaien, hooien en slepen van de weide(s) vermindert de weidebesmetting doordat er een deel van de larven weggenomen wordt. Als er gemaaid wordt, moet het gemaaide gras wel verwijderd worden anders is het zinloos. Door de weide(s) te slepen, worden de eieren en larven blootgesteld aan UV licht. Hier kunnen ze erg slecht tegen. Ook kunt u schapen of runderen op de weides laten grazen. Zij nemen een groot deel van de wormbesmetting op. Deze dieren zijn niet gevoelig voor paardenwormen.
9. Voordat er een nieuw paard in de groep geïntroduceerd wordt, adviseren we om eerst mestonderzoek te doen, zodat u geen besmet paard in de kudde plaatst. Zo mogelijk het paard 10-14 dagen in quarantaine houden.
Op dag 10-14 na het ontwormen weer mest onderzoeken om te kijken of
het ontwormingsmiddel effectief is geweest. Zo weet u zeker dat er geen resistente worminfectie op het bedrijf geïntroduceerd wordt.
10. De bestrijding van wormen berust voornamelijk op hygiënische maatregelen; verwijder 1 tot 2 keer per week de mest uit de weide(s). Heeft u een merrie met veulen, verwijder dan dagelijks de mest uit de stal en reinig regelmatig de gehele stal. Besmette weides, paddocks en stallen kunnen jarenlang infectieus blijven en vormen de belangrijkste besmettingsbron voor de volgende jaargangen veulens. Daarom is het verstandig om iedere volgende jaargang op een ander perceel te weiden. Hiermee voorkomt u herbesmetting.

De middelen
Strongid-P (Pyrantel): werkt tegen spoelwormen. Het middel mag ook gebruikt worden bij veulens.
Eraquell (ivermectine): standaard middel, werkt onvoldoende tegen (larvale stadia) van de rode bloedworm. Werkt tegen horzellarven en aarsmaden. Er is aangetoond dat sommige spoelworminfecties resistent zijn tegen ivermectine. Dit middel mag gebruikt worden bij alle leeftijden.
Equest (moxidectine): goede werkzaamheid tegen nagenoeg alle wormen, maar werkt in tegenstelling tot ivermectine ook tegen een groot gedeelte van de (larvale stadia) van de rode bloedworm. Niet gebruiken bij veulens onder de 4 maanden. Er is aangetoond dat sommige spoelworminfecties resistent zijn tegen moxidectine.
Equest Pramox (moxidectine + praziquantel): Combi-preparaat. De stof praziquantel doodt ook lintwormen. Niet gebruiken bij veulens onder de 4 maanden. Als u ‘blind’ wilt ontwormen tegen lintworm, kunt u dit met dit middel één keer per jaar doen (einde najaar/begin winter). Dan pakt u gelijk de horzellarven aan.
Equimax (ivermectine+ praziquantel): combi-preparaat. Standaard middel; werkt onvoldoende tegen (larvale stadia) van de rode bloedworm. Werkt tegen horzellarven en aarsmaden. De stof praziquantel doodt ook lintwormen.

Heeft u nog vragen over de ontwormwijzer of wilt u ontwormadvies op maat? Neem dan gerust contact met ons op.

Dierenartsenpraktijk Doetinchem-Zeddam